Logopedie

Down syndroom

Down syndroom

Bij kinderen met Down syndroom verloopt de spraak- taalontwikkeling trager. Met logopedie kun je al heel vroeg beginnen met oefeningen en het kind helpen de mond-, tong- en gezichtsspieren op een goede manier te gebruiken. De logopedist werkt o.a. aan het ontwikkelen, stimuleren en begrijpen van gesproken taal.

Vanwege de bouw van de mond en de tong en een vaak lagere spierspanning, sluit de mond soms niet zo goed en zit de tong nogal eens in de weg. Ook de aansturing van de spieren vanuit de hersenen is vaak lastig bij kinderen met Downsyndroom. Dit alles kan problemen geven met het goed articuleren van woorden. Door al vroeg de mondmotoriek te stimuleren en te versterken, kan je kind woorden beter vormen en uitspreken.

Heel gerichte articulatietraining is vooral zinvol als de voorwaarden voor een goede uitspraak aanwezig zijn. Er kan door de logopedist gebruik gemaakt worden van klankgebaren om het kind de klanken aan te leren. Het gebaar dat je maakt sluit aan bij de klank. Binnen de praktijk werken we met de methode Tan-Soderbergh en Leespraat.